In haar nieuwe boek met deze titel maakt Japke-d. Bouma korte metten met de meest gevreesde openingszin van het functioneringsgesprek: “Hoe vind je zelf dat het gaat?”

Want ‘hoe vind je zelf dat het gaat’ – wat moet je dáár nou op zeggen? Als je antwoordt dat je het wel lekker vindt gaan, komt er in je dossier dat je te weinig aan „zelfreflectie” doet, en als je zegt dat niet alles goed gaat, krijg je een aantekening dat, euh, niet alles goed gaat. (NRC 13 oktober 2020)

Ook als jij, als leidinggevende, deze openingsvraag niet stelt, wat doe je dan als je een concreet agendapunt bespreekt. “We komen nu toe aan je administratieve taak…..” vraag je dan ….”hoe vind je dat dat gegaan is?” of begin je met het geven van je feedback? Als we deze vraag aan leidinggevenden stellen dan geeft 75 – 80 % aan dat ze eerst de medewerker vragen om hun feedback. Ze willen het gesprek niet dood slaan, ruimte geven aan de medewerker, zorgen voor dialoog, reflectie bevorderen of minder hiërarchisch overkomen.

Maar als “Hoe vind je zelf dat het gaat?” een onhandige openingszin is, waarom zou het dan wel of juist niet een goede vraag zijn bij het bespreken van specifieke onderdelen van het functioneren? Bekijk dit fragment uit een e-learning en test je eigen aanpak.

Afgezien van de motieven die leidinggevenden geven speelt angst voor de reactie van de medewerker mogelijk ook een rol of twijfelen ze of ze met hun feedback het wel bij het juiste eind hebben.
Op 9 april 2019 schrijft Japke-d. Bouma in NRC (Japke-d. vraagt door) een artikel over allerlei vormen van vergaderingen, gesprekken en jeuktermen die daarbij gebruikt worden. Van ‘cactusgesprek, tot haardvuursessies en van ‘stand-up’ tot ‘meet-up’. Dit artikel is zeer de moeite waard.

Ook de functioneringsgesprekken ontspringen de dans niet: Die heten tegenwoordig ‘ambitie- en koersgesprek’, ‘koers- en kompasgesprek’, ‘werk- en ontwikkelgesprek’, ‘groei- en bloeigesprek’ ‘PRO-gesprek’ (persoonlijk resultaat- en ontwikkelgesprek), en het ‘evolutiegesprek’.
Japke-d. Bouma vond deze de ergste: ‘wow-gesprek’ („welzijn, ontwikkeling, werk”) en de ‘werkselfie’ (een gesprek waarin de medewerker schijnbaar ‘helemaal zelf’ (vandaar die selfie) mocht bepalen waarover het ging).
Als ik dit soort termen lees dan denk ik ook: afschaffen deze onzin. Maar toch kunnen deze gesprekken genoeg opleveren. Maar dan moet je het wel slim doen, en even nadenken over je gesprekstechnieken.